De Bruidsschat en regels over geluidhinder

Inleiding

De Omgevingswet treedt over iets meer dan twee jaar in werking. Onderdeel van de stelselherziening is bruidsschat die van rechtswege onderdeel wordt van het omgevingsplan per 1 januari 2021. De Omgevingswet werkt volgens het principe ‘decentraal tenzij’ en de bruidsschat is daarvan een goed voorbeeld.

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet verdwijnt het Activiteitenbesluit. De onderwerpen die in het Activiteitenbesluit zijn geregeld worden onder de Omgevingswet deels geregeld in het Besluit activiteiten leefomgeving (vooral regels over emissie) en deels op lokaal niveau in het omgevingsplan (vooral regels over immissie). De gedachte is dat het efficiënter en effectiever is als gemeenten immissieregels stellen omdat op die manier rekening kan worden gehouden met de lokale situaties en met lokaal beleid.

Activiteitenbesluit vervalt

Zoals gezegd vervalt op 1 januari 2021 het Activiteitenbesluit. Omdat gemeenten pas na 1 januari 2021 een omgevingsplan kunnen vaststellen zou de situatie kunnen ontstaan dat er op die datum geen immissieregels zijn voor activiteiten. Om dit te voorkomen bepaalt artikel 22.2 van de Invoeringswet Omgevingswet dat er in het omgevingsplan regels van rijkswege zullen komen. Het pakket met regels van rijkswege wordt in het omgevingsrechtelijk jargon de ‘bruidsschat’ genoemd en is geregeld in het Invoeringsbesluit Omgevingswet. Elk omgevingsplan krijgt van rechtswege deze regels. Gemeenten gaan uiteindelijk over de omgevingsplannen, dus zij bepalen ook wat er vervolgens mee gebeurt. Zo kunnen de regels geschrapt of veranderd worden waarbij uiteraard wel aan de instructieregels in het Besluit kwaliteit leefomgeving moet worden voldaan.

In dit verband zijn onder andere de regels omtrent geluidhinder als gevolg van milieubelastende activiteiten belangrijk. Afdeling 2.8 van het Activiteitenbesluit komt niet terug in Besluit activiteiten leefomgeving. De verantwoordelijkheid van die regels komt daarom bij de gemeenten te liggen. In eerste instantie neemt de bruidsschat de regels van afdeling 2.8 over. Op deze manier gelden voor bedrijven dezelfde regels als voor 1 januari 2021, totdat de gemeenten het omgevingsplan op dat punt wijzigen.

De normen van het Activiteitenbesluit zijn dus overgenomen in de bruidsschat; de waarden in onderstaande tabel zijn rechtstreeks overgenomen van  2.17a Activiteitenbesluit.

Tabel 2.3.4a Waarde voor toelaatbaar geluid op een geluidgevoelig gebouw

                                       07.00 – 19.00 uur 19.00 – 23.00 uur 23.00 – 07.00 uur
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT als gevolg van activiteiten 50 dB(A) 45 dB(A) 40 dB(A
Maximaal geluidniveau LAmax als gevolg van activiteiten 70 dB(A) 65 dB(A) 60 dB(A)

Overgangssituatie

Belangrijk is wel om in het achterhoofd te houden dat de regels in de bruidsschat zien op een overgangssituatie. Uiteindelijk is paragraaf 5.1.4.2. van het Besluit kwaliteit leefomgeving leidend voor de inhoud van omgevingsplannen met betrekking tot geluid vanwege activiteiten. Het omgevingsplan stelt geen regels meer met betrekking tot inrichtingen, maar voor ‘geluid door activiteiten, anders dan wonen’. Een omgevingsplan dient erin te voorzien dat geluid door activiteiten aanvaardbaar is (artikel 5.59 van het Besluit kwaliteit leefomgeving). Hieraan wordt voldaan door de standaardwaarden die in het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn opgenomen over te nemen in omgevingsplannen.

Keuzevrijheid

Een gemeente kan echter ook waarden (op de gevel) vaststellen die hoger of lager zijn of zelfs helemaal geen waarden vaststellen. Daarbij geldt wel dat voldaan moet worden aan het genoemde artikel 5.59 Bkl, geluid moet aanvaardbaar zijn,  en als harde ondergrens gelden de waarden in de tabel waarin de binnenwaarden zijn opgenomen. Gemeenten hebben binnen deze bandbreedte een grote mate van vrijheid om te bepalen wat zij aanvaardbaar achten.

Wat in het Besluit kwaliteit leefomgeving niet terugkomt zijn standaardwaarden voor maximale geluidsniveaus gedurende de dagperiode voor aandrijfgeluid van transportmiddelen en andere piekgeluiden. Deze vinden we wel terug in artikel 2.3.4.8 van hoofdstuk 7 van het concept Invoeringsbesluit Omgevingswet (de bruidsschat). Gemeenten hebben hier dus ruimte om te beslissen zolang zij binnen de grenzen blijven die door het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn gegeven. De nota van toelichting geeft als reden voor het ontbreken van die normen in het Bkl tijdens de dagperiode dat de normering vooral beschermt tegen slaapverstoring. Daarnaast is wegens vereenvoudiging gekozen om geen normen op te nemen. Als gemeenten het toch nodig achten om overdag bescherming te bieden tegen piekgeluiden dan kunnen normen worden opgenomen in het omgevingsplan.