Instrumenten

De Omgevingswet stelt de waarde van de (fysieke) leefomgeving terecht centraal. De ‘omgevingskwaliteit’ is immers medebepalend voor de ‘kwaliteit van leven’. Alle politieke, sociale, economische, demografische, spirituele, ideologische en gezondheidsfactoren zijn ten dele omgevingsfactoren. Hoe goed of slecht die leefomgeving is, kan niet altijd in harde getallen worden uitgedrukt, maar kan meestal wel worden beschreven met termen als ‘(kern)kwaliteiten’ of – in de terminologie van de Omgevingswet – ‘waarden’ (het is wel raadzaam voorzichtig om te gaan met de term ‘waarden’ omdat de Omgevingswet hieraan een verplicht programma met monitoring koppelt). Wij hebben een lange traditie van visievorming op basis van deze termen en onze aanpak heet sinds jaar en dag de ‘waardenbenadering’.

Lagen en waarden, programma en tijd

In visievormingstrajecten werken we doorgaans met de lagenbenadering. Aan de hand van een aantal lagen (ondergrond, netwerken en occupatiepatroon) leggen we een duurzaam ruimtelijk raamwerk vast, waarbinnen (nieuwe) ontwikkelingen kunnen plaatshebben. Maar er is méér. De lagenbenadering brengt de historisch bepaalde, meetbare en meestal zichtbare lagen in beeld. In aanvulling op de lagenbenadering hanteren wij de ‘waardenbenadering’. Daarbij gaat het om de sociale waarden, belevingswaarden, emotionele, culturele en economische waarden. Deze waarden zijn veel lastiger meetbaar en vaak niet tastbaar, maar wel net zo belangrijk om de kwaliteiten en mogelijkheden van een dorp of landschap te bepalen. De lagen en de waarden samen bepalen de gedeelde identiteit van een gemeente. Het begrip ‘identiteit’ (of ‘identi-tijd’) verwijst daarbij naar onze relatie met de toekomst via het verleden: in wat voor dorp of landschap willen onze kinderen straks leven?

Deze benadering is uitgebreid uiteengezet in het boek ‘Werken met de structuurvisie en omgevingsvisie; visievorming in de nieuwe werkelijkheid’, dat drs. Gerwin Gabry van KuiperCompagnons in opdracht van Berghauserpont Publishing heeft geschreven. Hierop hebben wij voortgebouwd met een aanvullende methodiek die op maat is gesneden op de Omgevingswet, omdat deze beantwoord aan de behoefte constant te monitoren.

Juist bij intensieve participatietrajecten is het belangrijk dat de gemeente zijn huiswerk goed doet en gezamenlijk met de deelnemers kan worden vastgesteld dat de feiten kloppen (‘fact finding’) en niet te vergeten: ‘informatie’ leidt tot ‘kennis’, leidt tot ‘wijsheid’. Daarbij maken wij. Wij hebben een speciale Omgevings-App ontwikkeld om de beschikbare informatie (onder meer van het CBS) laagdrempelig om te zetten in kaarten, grafieken en tabellen. Het ‘OOg voor de omgeving’ (zie figuur), waarin voor de volledigheid ook de sociale component is opgenomen, verkleurt – volgens de stoplichtmethode uit de MER-praktijk – naar gelang die uitkomsten. De gemeente kan de App eenvoudig zelf aanvullen en up-to-date houden. Ook hoeft een visie die in GIS is opgebouwd, niet omgezet te worden om deze digitaal raadpleegbaar te maken.

Met behulp van de Omgevingsapp kan het ‘OOg’ voor elke gemeente worden samengesteld. De uitkomsten van de Omgevings-App maken de onderscheidende kanten van de gemeente zichtbaar. Waarin blinkt de gemeente uit of wijkt zij anderszins af van het Nederlands gemiddelde? Dit inzicht is niet zaligmakend (het gaat ten slotte ook om de zachtere waarden achter de cijfers), maar kan bijdragen aan het benoemen van kernkwaliteiten en antwoorden geven op vragen als ‘wat is uw gemeente?’ (bestaande identiteit), ‘hoe zien anderen uw gemeente?’ (imago) en ‘wat wil uw gemeente zijn?’ (gewenste identiteit). Idealiter liggen de antwoorden op deze vragen redelijk in elkaars lijn.

De kernkwaliteiten, krachtig verbeeld in fotocollages, fraaie kaartbeelden geschetste vergezichten, bieden de ingrediënten voor het opstellen van een integraal afwegingskader waarmee gekeken kan worden in hoeverre beleid, ontwikkelingen, initiatieven en ideeën passen in de gewenste identiteit van een gemeente.

 

Oog
Het OOg, dat de aspecten binnen de verschillende domeinen laat zien

 

Oogvoorbeeld
Voorbeelduitwerking: op basis van de stoplichtmethode kan inzicht worden gegeven in de ‘stand’ van de fysieke (en in dit geval ook sociale) leefomgeving.

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *